dinsdag 26 augustus 2014

Over een luxe bungalow, roestige veerboten en een toeristenfuik

Nadat ik in Malang vier nachten voor een bodemprijs (3 euro en een beetje) in een hostel sliep, kocht ik in Kalibaru twee nachten luxe in.
De rit van Malang naar Kalibaru was er één met hindernissen. Halverwege het eerste stuk naar Jember vulde de bus zich plotseling met rook en binnen een minuut maakte de chauffeur een noodstop langs de drukke weg met de schreeuwende mededeling "eruit, eruit!". Uit de achterkant kwamen inmiddels dikke rookwolken en na een plens water mochten we gauw de bus in om bagage veilig te stellen. De bus was onbruikbaar en een nieuwe bus liet eindeloos op zich wachten. De nieuwe bus kwam vlak voor mijn overstappunt in Jember in een stilstaande file terecht en in Jember keek iedereen alsof er in geen tijden een blanke gepasseerd was. De laatste twee uur in de rammelbus naar Kalibaru waren prachtig, door bergen en langs plantages.

In Kalibaru sliep ik in een heus resort op een voormalige specerijen plantage. Dit had helemaal niets meer te maken met backpacken, ik verbleef tussen groepsreizigers uit Nederland en Duitsland, mensen die me meewarig aankeken toen ik zei dat ik gewoon met de bus was gekomen. "Is dat niet heel gevaarlijk dan, in je eentje? Hoe weet je dan waar je eruit moet?" Ik heb ze maar niet gezegd dat de bus en mijn bagage bijna in vlammen op waren gegaan... Mijn bungalow was ruim, mooi en comfortabel en het zwembad was bijna naast de deur. Een fijne plek om van te genieten.

Zondag kreeg ik een uitgebreide rondleiding over de plantage. Langs kruidnagels en nootmuskaat, vanille en peperkorrels, koffie, cacao en rubber. De gids sneed schors van de kaneelboom en liet het me ruiken, heerlijk! Het is interessant om te zien hoe deze bomen en planten groeien. Ze hadden er zelfs koeien, waarvan de melk gebruikt werd om mozzarella te maken voor bij het ontbijt. En schapen voor het vlees, ik zag alleen nergens schaap op de menukaart staan...
Verder is Kalibaru maar een klein gehucht, 4000 inwoners heeft het. Ik liep over de markt en at rijst met groente en pindasaus bij een warung waar me van alles gevraagd werd over het resort. Het ging ze er vooral om hoe duur het eten was, want het gerucht ging door het dorp dat het eten er duur en slecht was. Ik kon dat beamen, daarom kwam ik in het dorp eten.

Maandagochtend nam ik de trein naar Banyuwangi, het eindpunt van Java en het vertrekpunt voor de ferry naar Bali. Een uitermate dubieuze boot in woest water, het perfecte recept voor een kort nieuwsberichtje in Nederlandse kranten... Gelukkig was het maar een uur varen tot we Gilimanuk op Bali naderden. Het eigenlijke plan was door te reizen naar Padangbai en daar dinsdag een ferry naar Lombok te nemen. Maar toen ik op Bali aankwam schoof ik een tijdzone op en was het ineens al 15.00h 's middags. Ik had geen zin om nog minimaal 5-6 uur onderweg te zijn, zonder hotelreservering voor die avond. Ik nam uitendelijk een bemo naar Lovina, langs de noordkust van Bali, waarvan mensen zeggen dat het er rustiger is dan in het zuiden.

Ik wil niet weten hoe druk het in het zuiden is. Als dit hier al als rustig bestempeld wordt, kan het zuiden alleen maar een nachtmerrie zijn. Op straat hoor ik veel Nederlands, afgewisseld met wat andere talen. Iedereen probeert me hier een boottocht aan te smeren, of duiklessen of snorkeltrips. Als ik aangeef niet te duiken of snorkelen en geen dolfijnen wil zien, krijg ik de vraag wat ik hier dan kom doen. Ehm ja... Padangbai was te ver weg en nu ben ik hier? Zoiets?

Maandagavond sliep ik in een net iets te goedkoop hotel met bedenkelijke badkamer, dinsdagochtend wilde ik verhuizen naar een andere plek, maar dat ging niet door. Ik liep langs het strand, vond een 100% vegetarisch restaurantje met heerlijke menukaart, negeerde alle 'mannetjes' met hun aanbiedingen en ik vocht tegen de nogal aanwezige muggen. Maar ook deze tweede dag raakte Lovina me niet. In de namiddag regelde ik een minibus naar Ubud voor woensdag en boekte ik vier nachten in een wat duurder hotel. Misschien gaat dat beter lukken. Het plan is om na Ubud naar Lombok te varen, daar moet het rustiger zijn. Naar horen zeggen...

(Foto's van boven naar beneden: bungalow op de plantage, de plantage zelf, nootmuskaat en foelie, dicht opeengepakt in de bemo naar Lovina, het vulkaanzand-strand aldaar)



Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen